Desiderius Erasmus (28 oktober ca1467 - 12 juli 1536) was een Rotterdams humanist, schrijver en filosoof
Erasmus werd geboren als 'Gerrit Gerritszoon' op de vroege ochtend van 28 oktober waarschijnlijk in het jaar 1466 of 1467 in Rotterdam. In 1506 wijzigde hij zijn naam in Desiderius Erasmus. Hij ging daarbij uit van de - verkeerde - veronderstelling dat de stam Geer- in Geert/Gerrit iets met begeren te maken had en vertaalde het begeren in het Latijn en het Grieks. Erasmus heeft vier jaar in Rotterdam gewoond en is vervolgens vertrokken naar Gouda. Op een bekend houten borstbeeld staat 'Goudę conceptus, Roterodami natus' (te Gouda verwekt; te Rotterdam geboren). Erasmus was een onwettig kind, in die tijd spreekt men van defectus natalis (geboortedefect). Dat heeft natuurlijk weinig met zijn denken te maken, al heeft Erasmus zich veel zorgen gemaakt over alles wat met zijn geboorte te maken had, over zijn jeugd en over zijn leeftijd. Zijn vader was een priester uit Gouda, zijn moeder is Margaretha, die als familienaam Rogerius (Rutgers) zou hebben gehad. Zij is een dochter van een chirurgijn uit Zevenbergen. Haar zwangerschap heeft zij waarschijnlijk in Rotterdam doorgebracht om het 'ongelukje' te verbergen. Al een jaar eerder hadden Erasmus' vader en moeder samen een kind gekregen, Pieter. Zijn leven lang heeft Erasmus zijn onwettige geboorte moeten torsen en de gevolgen moeten dragen van de geestelijk status waarin hij door zijn opvoeding is terechtgekomen. Pas rond zijn vijftigste (1517) wordt hij dankzij pauselijke dispensatie van de ernstige maatschappelijke consequenties ervan verlost. Hij heeft nogal met zijn levensverhaal gehaspeld, waarbij hij in zijn correspondentie met de paus gebruik heeft gemaakt van een achternaam die wellicht van zijn moederszijde stamt. Al doende heeft hij zijn jeugdjaren gemystificeerd en zijn geboortejaar met onzekerheden omhuld.
Erasmus sprak en schreef Latijn. Hij was een bijzonder geleerd man die in geheel Europa als een van de grote denkers van zijn tijd erkend werd. Hij kende Grieks en staat daarmee aan het begin van de Gymnasium-traditie. Door zijn kennis van het Grieks raakte hij ervan overtuigd dat bepaalde delen van de Bijbel in de Latijnse Vulgaat niet goed vertaald waren. Hij besloot om het Griekse Nieuwe Testament in druk te doen uitgeven, ook al vroegen vrienden zoals van Dort dat vooral niet te doen omdat dat een bom legde onder het toch al krakende gebouw van de kerk van die dagen. Voor de totstandkoming van dit Griekse nieuwe testamentkon Erasmus beschikken over een zestal Griekse handschriften. Hij vertaalde deze handschriften opnieuw naar het latijn om daarmee het verschil met de Vulgaat te laten zien. Later heeft de Leidense drukkersfamilie Elsevier de Griekse tekst van Erasmus gebruikt en gepubliceerd onder de naam Textus Receptus. Erasmus legde met zijn Griekse uitgave van het nieuwe testament de grondslag van de Hervorming van Luther en dat werd hem ook door de Katholieke Kerk verweten. Op het verwijt dat hij het ei van de ketterij had gelegd, antwoordde hij echter dat hij liever iets anders had uitgebroed: hij vond de versplintering van de kerk maar niets.
Erasmus is vooral bekend van de Lof der Zotheid en de Enchiridion waarin hij zijn ideeën over wat Christendom werkelijk zou moeten betekenen voor de mens uiteenzet. De Lof der Zotheid is een satire op allerlei misstanden van zijn tijd, waarin hij de allegorische Zotheid allerlei dingen laat zeggen, die hij zelf -van de kerk- eigenlijk niet mocht zeggen. Maar ja, zijn zotheid kon alleen verweten worden dat zij zot was, nietwaar?