De National Aeronautics and Space Administration, afgekort tot NASA, is de federale organisatie in de Verenigde Staten, die verantwoordelijk is voor het Amerikaanse ruimtevaartprogramma. NASA voert ook onderzoek uit, en coördineert onderzoek op het gebied van luchtvaart- en ruimtevaarttechniek.
Geschiedenis van NASA
De voorganger van NASA was het National Advisory Committee on Aeronautics (NACA). Deze werd opgericht op 3 maart 1915 om onderzoek en ontwikkelingen op het gebied van luchtvaart te bevorderen. Op 1 oktober 1958 werd NACA omgevormd tot NASA, en werden enkele onderzoekinstuten daar aan toegevoegd: het Langley Aeronautical Laboratory, het Ames Aeronautical Laboratory, het Lewis Flight Propulsion Laboratory, en twee testfaciliteiten. NASA werd verantwoordelijk gesteld voor het ruimtevaartprogramma, dat daarvoor verdeeld was over elkaar beconcurrerende legeronderdelen.
Al gauw werd NASA uitgebreid met nog een aantal bestaande onderzoeksinstituten, onder andere de ruimtevaartafdeling van het Naval Research Laboratory in Maryland, het Jet Propulsion Laboratory dat werd bestuurd door het California Institute of Technology, en bovendien de Army Ballistic Missile Agency in Huntsville (Alabama) waar het team van Wernher von Braun werkte aan de ontwikkelingen van grote raketten.
NASA werd opgericht in een periode dat de Koude Oorlog in volle gang was. Deze werd gevoerd onder andere op het gebied van de ruimtevaart, wat zich uitte in een soort wedloop (de space race). De Sovjetunie lanceerde de eerste kunstmanen in een baan om de aarde, de Spoetnik 1 op 4 oktober 1957 en enkele weken later op 3 november de Spoetnik 2 met aan boord het hondje Laika. Dit voedde de angst onder de Amerikanen die vermoedden dat de Sovjetunie technisch superieur werd, of zelfs al was. Hun schrikbeeld was een Sovjetunie die met haar raketten de wereld in haar greep nam, en de wereldmacht over zou nemen.
Het was de taak van NASA om de wereld te laten zien dat de Verenigde Staten de Sovjetunie kon evenaren, en zelfs tot meer in staat was.
Het eerste grote project van NASA was Mercury, het programma dat tot doel had om de eerste Amerikanen in de ruimte te brengen. De Sovjetunie was NASA echter voor met het Vostok programma, en lanceerde als eerste een mens aan boord van een ruimtevaartuig. Toch slaagde NASA binnen enkele jaren om de space race te domineren. Het onbetwiste hoogtepunt was de eerste landing op de maan met Neil Armstrong en Edwin Aldrin tijdens de Apollo 11 vlucht. Hoewel de Sovjetunie destijds ontkende bemande maanlandingen te hebben nagestreefd, bleek later dat de Sovjetunie in het diepste geheim wel degelijk hard heeft gewerkt aan een eigen maanproject, totdat bleek dat de Amerikanen niet meer in te halen waren.
Nadat het Apollo programma was afgerond leek het er op dat NASA in een soort dal terecht kwam. Het had volgens velen het doel bereikt waar het voor was opgericht, en er was weinig interesse en weinig steun voor verdere ontwikkeling van de ruimtevaart. NASA boekte nog wat succesjes met onbemande ruimtevaartuigen zoals de Pioneer 10 en 11, de Voyagers en de Vikings, maar behalve de vier vluchten in het kader van het Skylab- en het Apollo-Soyuz Test Project vonden geen bemande vluchten meer plaats.
Dit moest veranderen met de Space Shuttle, het ruimteveer dat ruimtevaart goedkoop en bij wijze van spreken een alledaagse aangelegenheid moest maken. De vluchten met de Space Shuttle kregen echter bij lange na niet dezelfde hoeveelheid belangstelling als de Apollo-vluchten naar de Maan, ondanks dat de Space Shuttle een aantal bijzonder waardevolle en interessante missies heeft uitgevoerd.
Bovendien groeide de kritiek op NASA. Schattingen van projectkosten bleken meestal veel te laag, en de resultaten bleven achter bij de verwachtingen. De Space Shuttle bijvoorbeeld zou per kilogram nuttige lading vijftien keer zo goedkoop zijn als de Saturnus-raketten waarmee de Apollo-vluchten werden uitgevoerd. In werkelijkheid bleek de Space Shuttle drie keer zo duur te zijn. De Space Shuttle zou na landing binnen twee weken weer klaar zijn voor lancering, in de praktijk bleek dat drie tot zes maanden te zijn. Tot overmaat van ramp gingen twee Space Shuttles verloren, waarbij 14 ruimtevaarders om het leven kwamen.
Op 15 januari 2004 kondigde president George W. Bush ambitieuze plannen aan voor de ruimtevaart. Deze omvatten onder andere hervatting van bemande vluchten naar de Maan, gevolgd door bemande vluchten naar Mars. De plannen zouden NASA een mogelijkheid bieden om zich weer te profileren. De meningen van zowel het publiek als van de Amerikaanse volksvertegenwoordiging zijn sterk verdeeld, en het valt nog te bezien of ze zullen worden goedgekeurd.
Sommigen verwachten dat de rol voor NASA kleiner zal worden omdat de voortschrijdende techniek steeds meer mogelijkheden biedt om ruimtevaart economisch rendabel te maken, en het bedrijfsleven steeds meer initiatieven zal gaan ontplooien in de ruimtevaart. Daarbij wordt met name gedacht aan ruimtetoerisme en het winnen van energie en grondstoffen.
Projecten
Veel projecten zijn/worden onder leiding van NASA gerealiseerd, meestal in samenwerking met bedrijven, universiteiten, ruimtevaartorganisaties zoals ESA, en overheidsinstellingen zoals het Amerikaanse Ministerie van Defensie. Een aantal voorbeelden zijn:
- Bemande ruimtevluchten
- Onbemande ruimtevluchten
- Mariner
- Pioneer
- Surveyor
- Voyager
- Viking
- Galileo
- Mars Pathfinder
- Mars Global Surveyor
- 2001 Mars Odyssey
- Stardust
- Mars Exploration Rovers (Spirit en Opportunity)
NASA-onderdelen
NASA omvat naast het hoofdkwartier (in Washington D.C) twaalf centra en laboratoria: - John F. Kennedy Space Center, Florida
- Ames Research Center, Moffett Field, Californië
- Dryden Flight Research Center, Edwards, Californië
- Goddard Space Flight Center, Greenbelt, Maryland
- Jet Propulsion Laboratory, nabij Pasadena, Californië
- Lyndon B. Johnson Space Center, Houston, Texas
- Langley Research Center, Hampton, Virginia
- Glenn Research Center, Cleveland, Ohio
- George C. Marshall Space Flight Center, Huntsville, Alabama
- Michoud Assembly Facility, New Orleans, Louisiana
- John C. Stennis Space Center, Bay St. Louis, Mississippi
- Wallops Flight Facility, Wallops Island, Virginia
Externe link