De gevolgen
De moord op Pim Fortuyn is de eerste op een politicus in de moderne Nederlandse geschiedenis. De gebeurtenis heeft in Nederland tot zeer geschokte en vaak heftige emotionele reacties geleid. Veel Nederlanders waren volkomen verbijsterd. Ook buitenlandse media besteedden relatief veel aandacht aan de moord. Op het Rotterdamse stadhuis werd al snel een condoleanceregister geopend, waar enkele tienduizenden mensen hun gevoelens in verwoordden. Veel mensen legden bloemen neer op de plaats van de aanslag, voor het huis van Fortuyn en voor het stadhuis.
In Den Haag rond het Binnenhof ontstonden enkele relletjes.
De dag na de aanslag besloot het demissionaire kabinet-Kok II dat de nationale verkiezingen zoals gepland op 15 mei moesten doorgaan. De verkiezingscampagne kwam evenwel een week lang volledig tot stilstand.
De woordvoerder van de Lijst Pim Fortuyn, Mat Herben, kondigde aan dat Pim Fortuyn tot na de verkiezingen de postume lijstaanvoerder zou blijven. In Nederland is het wettelijk mogelijk op een overleden persoon een stem uit te brengen. Pas na de verkiezingen zou Herben als fractievoorzitter worden benoemd. Velen brachten een proteststem of emotionele stem uit op de LPF en de partij werd de grootste nieuwkomer in de Nederlandse parlementaire geschiedenis (26 zetels), de tweede partij van het land. Daarmee kwam de LPF meteen in de regering (Kabinet-Balkenende I).
In Nederland kwam een discussie op gang over de invloed van de 'demonisering', zoals Fortuyn dat noemde, van diens persoon op het klimaat van de verkiezingsstrijd. De oorzaak van zijn immense populariteit werd vooral gezocht in de ontstane kloof tussen 'Den Haag' en de gewone burger.
De bewaking van bewindspersonen en politici werd onmiddellijk verscherpt. Volgens velen is het beeld van een argeloos fietsende en winkelende minister-president door de moord op Pim Fortuyn voorgoed verleden tijd.
Pim Fortuyn werd eerst begraven in Driehuis, in Noord-Holland; op 21 juli werd zijn lichaam herbegraven in Italië.
Externe links