Tagoror  

Encyclopedie




Pim Fortuyn

Pim Fortuyn, geboren als Wilhelmus Simon Petrus Fortuijn (19 februari 1948 - 6 mei 2002) (hij gebruikte later om onbekende redenen de naam Fortuyn), was een Nederlandse politicus en publicist. Daarbij was hij korte tijd hoogleraar. Zijn kijk op onder andere de Islam en op vreemdelingenbeleid maakte hem tot een controversieel politicus.

Pim Fortuyn had een flamboyante, charismatische persoonlijkheid. Met een reeks opmerkelijke uitspraken en zijn on-Haagse manier van debatteren wist hij het politieke toneel een half jaar lang te ontredderen en te domineren.

Op 6 mei 2002, negen dagen voor de Tweede-Kamerverkiezingen waar zijn Lijst Pim Fortuyn aan meedeed, werd een moordaanslag op hem gepleegd die hij niet overleefde.

Biografie

Fortuyn werd geboren in de gemeente Velsen in Noord-Holland in een Rooms-Katholiek gezin. Na de HBS-B (tot 1967) studeerde hij sociologie, geschiedenis, rechten en economie in Amsterdam. In 1971 slaagde hij voor zijn doctoraal sociologie en in 1980 promoveerde hij tot doctor in de sociale wetenschappen. In 1986 werd hij aangesteld als part-time wetenschappelijk medewerker van de SER (Sociaal Economische Raad) en drie jaar later, in 1989, werd hij directeur van de OV-Studentenkaart BV in Groningen. Ondermeer in zijn Groningse periode was hij actief in de PvdA.

In 1990 verhuisde Pim Fortuyn naar Rotterdam. Daar werd hij korte tijd bijzonder hoogleraar aan de Erasmus Universiteit. Al vroeg in zijn carrière raakte hij politiek betrokken. Hij kon zijn veelal eigenzinnige standpunten publiekelijk kwijt in zijn vele boeken en columns. Zo was hij acht jaar lang vaste columnist voor het weekblad Elsevier; daarin deed hij zich kennen als een notoir criticus van 'Paars'.

In 1992 richtte hij zijn adviesbureau op, Fortuyn B.V.

In 1997 verscheen zijn boek Tegen de islamisering van onze cultuur.

De laatste twee jaar van zijn leven bewoonde hij regelmatig zijn huis in noord-Italië, in de noordelijke provincie Pordenone, tussen Venetië en Triëst.

Op 20 augustus 2001 maakte hij bekend opnieuw de politiek in te willen gaan. Op 26 november van dat jaar werd hij lijsttrekker van Leefbaar Nederland (LN), op 20 januari eveneens van Leefbaar Rotterdam en na de breuk met LN op 11 februari van zijn eigen Lijst Pim Fortuyn.

In april 2002 publiceerde hij zijn laatste boek, De puinhopen van acht jaar paars, wat moest dienen als een soort verkiezingsprogramma.

Kijk op Islam en vreemdelingenbeleid

Pim Fortuyn had een extreme kijk op de Islam, volgens sommigen mogelijk gemotiveerd vanuit zijn homoseksuele geaardheid. Anderen houden het op een algemene hekel aan elke vorm van extremisme en fundamentalisme, of dat nu uit de hoek van de Islam kwam of van het Christendom.

In augustus 2001 citeerde het Rotterdams Dagblad hem (onder andere): "Ik ben ook voor een koude oorlog met de islam. De islam zie ik als een buitengewone bedreiging, als een ons vijandige samenleving." Verschillende organisaties dienden vanwege deze uitspraak een aanklacht tegen hem in voor het breken van Nederlandse anti-discriminatiewetten. In een interview met het Britse ITV zei hij verder dat naar zijn mening de Islam de vrouw discrimineert.

Op 9 februari 2002 deed hij verdere controversiële uitspraken in de Volkskrant. Hij zei dat Nederland met 16 miljoen inwoners vol was en dat het toelaten van veertigduizend asielzoekers per jaar gestopt moest worden.

Hij garandeerde dat als hij deel zou nemen in de volgende regering, hij een uitzonderlijk strikt immigratiebeleid zou voeren. Later voegde hij toe een algemeen pardon voor alle ca. 5000 illegalen in Nederland voor te staan, om, zoals hij, zei, met een schone lei verder te kunnen gaan.

Ook zei Fortuyn dat hij liever artikel 1 van de grondwet zou schrappen dan het artikel dat vrijheid van spreken garandeert.

Politici van diverse signatuur, media en belangenorganisatis schilderden Fortuyn af als een Nederlandse Haider of Le Pen, zijn ideeën als gevaarlijk, of dat Nederland een pleefiguur zou slaan met zijn eventuele premierschap; zijn denkbeelden werden ook vergeleken met die van de Belgische voorman van het extreem-rechtse Vlaams Blok, Filip Dewinter en met de Nederlandse politicus Janmaat, die in de jaren tachtig en negentig met zijn extreem-rechtse Centrumpartij alle 'vreemdelingen' het land uit wilde zetten en die herhaald voor discriminatie en belediging van bevolkingsgroepen werd vervolgd.

Fortuyn zag zichzelf echter niet als een extreem-rechts politicus en verzette zich heftig tegen deze vergelijkingen. Hij voerde bijvoorbeeld aan dat hij niet zoals Le Pen de holocaust zou bagatelliseren en evenmin buitenlanders met geweld het land zou willen uitzetten.

Volgens Pim Fortuyn zou iedereen die al in Nederland was, ook in Nederland moeten kunnen blijven, met uitzondering van 'illegale immigranten' uit de Nederlandse Antillen. (De Volkskrant wees erop dat Antillianen de Nederlandse nationaliteit hebben en legaal in het land zijn.)

Desgevraagd zei Fortuyn over de islam: "Ik haat de islam niet" en "Ik vind het een achterlijke cultuur."

"Ik heb veel gereisd in de wereld. En overal waar de Islam de baas is, is het gewoon verschrikkelijk. Al die dubbelzinnigheid. Het heeft wel iets weg van die oude gereformeerden. Gereformeerden liegen altijd. En hoe komt dat? Omdat ze een normen- en waardenstelsel hebben dat zo hoog ligt dat je dat menselijkerwijs niet kunt handhaven. Dat zie je in die moslimcultuur ook. Kijk dan naar Nederland. In welk land zou een lijsttrekker van een zo grote beweging als de mijne openlijk homoseksueel kunnen zijn? Wat fantastisch dat dat kan. Daar mag je trots op zijn. En dat wil ik graag effe zo houden."

Andere standpunten en uitspraken

Pim Fortuyn was verklaard republikein en lid van het Republikeins Genootschap. Desgevraagd zei hij de bestaande staatsrechtelijke verhoudingen te respecteren als zijnde deel van het Nederlands staatsbestel en van de Nederlandse Grondwet, maar had liever vandaag dan morgen een gekozen president.

Fortuyn was een voorstander van het Amerikaanse democratische tweepartijenstelsel met een gekozen president, gekozen burgemeesters en politiecommissarissen. Een kabinet waarvan hij de premier was zou bestaan uit niet meer dan 6 ministers, ondersteund door staatssecretarissen.

Hij wilde allereerst de bestaande bureaucratie opschudden, het overheidsapparaat efficienter maken, om op die manier middelen vrij te maken voor verdere ontwikkeling.

Hij was ook voor een krachtige middenklasse die in zijn visie de kracht van een maatschappij is. 'Waar de middenklasse ontbreekt gaat een land naar de knoppen'.

Fortuyn wilde opschorting van het Akkoord van Schengen; hij wilde opnieuw een (alternatief soort) nationale grensbewaking invoeren en de buitengrenzen van Europa streng laten bewaken.

Hij vond het Europees Parlement geldverspilling (de Brussel-Straatsburg caroussel) en niet aansluiten bij de wensen van de burgers. Hij baseerde die mening op de zeer lage (ca. 30 procent) opkomst bij de Europese verkiezingen. Hij pleitte voor een herwaardering van het nationale gevoel.

Veel kritiek kreeg hij op zijn uitspraak dat de WAO alleen zou moeten worden uitgekeerd aan door het werk ziekgeworden werknemers.

Fortuyn was voorstander van kleinschaliger onderwijs en wilde de vergader- en regelingencultuur doorbreken. Wat betreft bijzondere scholen vond hij: "laat de bijzondere scholen maar in hun eigen sopje gaarkoken", wat hem op kritiek vanuit levensbeschouwelijke hoek kwam te staan.

Over defensie had hij een heel aparte visie: de hele Nederlandse defensie moest zich concentreren op de Koninklijke Marine. Landmacht en luchtmacht konden beter onderdeel worden van de marine of worden afgeschaft.

De effecten

In weerwil van alle kritiek op zijn uitspraken erkenden echter zijn aanhangers zowel als zijn tegenstanders dat Fortuyn het talent had stem te geven aan bestaande onlustgevoelens bij de bevolking en dat deed in een taal die de mensen begrepen. Algemeen werd van hem gezegd dat hij de bestaande politieke verhoudingen door elkaar heeft geschud en dat hij het Haagse 'regentendom' met zijn optreden in het hart heeft getroffen.

Ruim een half jaar lang, vanaf zijn toetreding tot Leefbaar Nederland tot aan zijn dood, wist hij het politieke toneel volledig te domineren. Hij werd vermoord op dezelfde dag dat kranten meldden dat zijn partij op een grote overwinning afstevende en hij mogeljk de nieuwe premier van Nederland zou worden.

Politiek carriére

Jongere jaren

Fortuyn was actief lid van de PvdA tot 1989. Later was hij ook nog een tijdje VVD-lid.

Leefbaar Nederland

Op 26 november 2001 werd Pim Fortuyn door een grote meerderheid verkozen als lijsttrekker voor de nieuw gevormde politiek partij Leefbaar Nederland voor de parlementsverkiezingen van 15 mei 2002.

Hij zei dat hij links noch rechts was, vroeg om meer openheid in de politiek, drukte zijn misnoegen uit wat betreft subsidiesocialisme, stelde kleinschaligere overheidsinmeningen voor in onderwijs, zorg en gezondheid en was een voorstander van een meer autoritaire aanpak van de politie. Hij bekritiseerde de media als een siamese tweeling van de politiek. Een aantal, voornamelijke linkse leden van de partij zegden hun lidmaatschap op in protest tegen zijn benoeming.

Lijst Pim Fortuyn

Na zijn uitspraak in de Volkskrant 'dat hij artikel 1 uit de grondwet wilde halen', werd Fortuyn op 10 februari ontslagen als lijsttrekker van Leefbaar Nederland. De dag daarop, 11 februari, richtte hij zijn eigen partij op, Lijst Pim Fortuyn. Veel aanhangers van Leefbaar Nederland verplaatsten hun steun naar de nieuwe partij en de partij scoorde hoog in de opiniepeilingen in de daaropvolgende weken.

Als lijsttrekker voor Leefbaar Rotterdam behaalde hij een grote overwinning bij de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2002. De partij behaalde circa dertig procent van de zetels, waarmee ze de grootste in de raad werd.

De Lijst Pim Fortuyn werd voor de aanslag op zijn leven in de opiniepeilingen meer dan 15 procent van de zetels in de Tweede Kamer toegedicht.

De aanslag

Op 6 mei 2002, negen dagen voor de nationale parlementsverkiezingen waar hij naar verwachting zwaar zijn stempel op zou drukken, verliet Pim Fortuyn om 18.05 uur een radiostudio in Hilversum, waar hij kort tevoren twee interviews had gegeven aan BNN. Op weg naar zijn auto werd hij benaderd door een blanke man met een honkbalpetje op, die een pistool op hem richtte en vijf maal op hem vuurde.

Volgens ooggetuigen werd Fortuyn geraakt in zijn hoofd, zijn nek en zijn borst. Ooggetuigen waren behalve zijn chauffeur onder andere een woordvoerder van de partij en radiopresentator Ruud de Wild. Na 9 minuten was een ambulance gearriveerd. Reanimering baatte echter niet meer; Fortuyn overleed kort na de aanslag. Hij werd 54 jaar.

De vermoedelijke dader werd even later door twee Hilversumse agenten gearresteerd. De verdachte werd door de politie geïdentificeerd als, Volkert van der G, een blanke Nederlandse man van 32 jaar, woonachtig in Harderwijk. Hij had geen strafblad. Hij was werkzaam voor de milieubeschermingsorganisatie Milieu-Offensief en hield zich met succes bezig met juridische procesvoering tegen vermeende milieuovertredingen en dierenmishandeling. Ook controleerde hij vaak eigenhandig of veehouders en boeren de vereiste milieuvergunningen hadden. Of het werk van de verdachte verband hield met de aanslag is nog niet bewezen. Het motief voor de moord is nog niet bekend.

De gevolgen

De moord op Pim Fortuyn is de eerste op een politicus in de moderne Nederlandse geschiedenis. De gebeurtenis heeft in Nederland tot zeer geschokte en vaak heftige emotionele reacties geleid. Veel Nederlanders waren volkomen verbijsterd. Ook buitenlandse media besteedden relatief veel aandacht aan de moord.

Op het Rotterdamse stadhuis werd al snel een condoleanceregister geopend, waar enkele tienduizenden mensen hun gevoelens in verwoordden. Veel mensen legden bloemen neer op de plaats van de aanslag, voor het huis van Fortuyn en voor het stadhuis.

In Den Haag rond het Binnenhof ontstonden enkele relletjes.

De dag na de aanslag besloot het demissionaire kabinet-Kok II dat de nationale verkiezingen zoals gepland op 15 mei moesten doorgaan. De verkiezingscampagne kwam evenwel een week lang volledig tot stilstand.

De woordvoerder van de Lijst Pim Fortuyn, Mat Herben, kondigde aan dat Pim Fortuyn tot na de verkiezingen de postume lijstaanvoerder zou blijven. In Nederland is het wettelijk mogelijk op een overleden persoon een stem uit te brengen. Pas na de verkiezingen zou Herben als fractievoorzitter worden benoemd. Velen brachten een proteststem of emotionele stem uit op de LPF en de partij werd de grootste nieuwkomer in de Nederlandse parlementaire geschiedenis (26 zetels), de tweede partij van het land. Daarmee kwam de LPF meteen in de regering (Kabinet-Balkenende I).

In Nederland kwam een discussie op gang over de invloed van de 'demonisering', zoals Fortuyn dat noemde, van diens persoon op het klimaat van de verkiezingsstrijd. De oorzaak van zijn immense populariteit werd vooral gezocht in de ontstane kloof tussen 'Den Haag' en de gewone burger.

De bewaking van bewindspersonen en politici werd onmiddellijk verscherpt. Volgens velen is het beeld van een argeloos fietsende en winkelende minister-president door de moord op Pim Fortuyn voorgoed verleden tijd.

Pim Fortuyn werd eerst begraven in Driehuis, in Noord-Holland; op 21 juli werd zijn lichaam herbegraven in Italië.

Externe links




Tagoror Networks: Spain  |  Philippines  |  Mexico

Los documentos de esta enciclopedia on line se publican bajo la Licencia de Documentación Libre GNU

De tekst is beschikbaar onder de licentie Creative Commons Naamsvermelding/Gelijk delen, er kunnen aanvullende voorwaarden van toepassing zijn.