De Sojoez (Союз, Russisch voor "unie") is een ruimtevaartuig dat voor het eerst op 23 april 1967 door de Sovjetunie werd gelanceerd, en biedt in de huidige vorm plaats aan drie mensen. De Sojoez is 7,8 m lang en heeft een gewicht van 6.400 kg.
De eerste vlucht van de Sojoez liep uit op een ramp, omdat de parachute niet openging en het toestel te pletter sloeg. De kosmonaut Vladimir Komarov kwam hierbij om het leven. Na ongeveer een jaar werd de volgende vlucht uitgevoerd, die goed verliep. Helaas sloeg het noodlot bij de Sojoez-11 opnieuw toe. Na een succesvolle vlucht naar het ruimtestation Saljoet-1 ging het bij de landing mis. De luchtdruk viel weg en de drie kosmonauten stikten omdat ze geen drukpak aan hadden.
De daarop volgende vluchten van de Sojoez werden uitgevoerd met een bemanning van twee personen. De vluchten hadden vooral als doel om ruimtestations van het type Saljoet te bemannen. De Russen waren hierin zeer succesvol. Eén van de meest historische Sojoez-vluchten is de Sojoez-19. Deze koppelde in de ruimte met een Amerikaans Apollo-ruimtevaartuig. De nieuwe versie van de Sojoez, de Sojoez-T, kon weer drie personen meenemen.
Tot op de dag van vandaag vormt de Sojoez de basis van de Russische bemande ruimtevaart. Na jaren het ruimtestation Mir te hebben bemand is het internationale ruimtestation ISS nu afhankelijk van de Sojoez, omdat de Space Shuttle Columbia in 2003 verongelukte. Naar verwachting wordt de Nederlandse ruimtevaarder André Kuipers in april 2004 met een Sojoez gelanceerd om het ISS te bezoeken.